Kind oefent een ploegstop op het ijs
Een kind met een helm oefent een rustige ploegstop op een buitenbaan. Een instructeur staat op schaatsen in de buurt en kijkt toe.

A4-formaat (liggend), zwarte lijnen op een witte achtergrond · voor thuis en in de klas
Alle kleurplaten: Wintersport kleurplaten
Vergelijkbare kleurplaten: Wintersport kleurplaten
Wat kun je nog meer printen? Gratis, zonder account
Kleurplaten met je eigen naam
Vul de naam van je kind in en maak een persoonlijke kleurplaat met grote, omlijnde letters om in te kleuren en te versieren.
Generator openen →Stippen verbinden: werkbladen maken
Acht tekeningen om stippen te verbinden op drie moeilijkheidsniveaus. Met lichte hulplijnen voor jongere kinderen en alleen stippen voor oudere kinderen.
Generator openen →Werkbladen om te printen
Werkbladen, schrijfpatronen, doolhoven en punten verbinden op A4.
Bekijk materialen →
Wat staat er op de tekening?
Het kind staat met licht gebogen knieën op het ijs en houdt de armen uitgestrekt voor het evenwicht. Zo oefent het een gecontroleerde stop. De schaatsen staan schuin om vaart te minderen. Een instructeur op schaatsen staat op korte afstand en kijkt toe. De baanplanken, besneeuwde naaldbomen, bergen in de verte en lichte schaatsstrepen vormen het winterse decor. Rond het kind is veel ruimte, waardoor de houding bij het stoppen goed te zien is. De instructeur maakt duidelijk dat het om een oefening onder begeleiding gaat.
Weetjes over schaatsen
Een ploegstop is een van de eerste manieren waarop beginners leren vaart te minderen op het ijs. De schaatser buigt de knieën, houdt het lichaam in balans en zet de schaatsen schuin. De kanten drukken dan tegen het ijs en zorgen voor wrijving. Wie eerst op lage snelheid leert stoppen, krijgt meer controle voordat die sneller gaat schaatsen. De armen uitstrekken kan helpen om het evenwicht te bewaren bij een nieuwe houding. Een goed passende helm kan de kans op sommige hoofdletsels bij een val verkleinen. Dat is vooral handig voor kinderen die leren schaatsen.
Kleurideeën
- Geef de jas van het kind een opvallende kleur, zoals rood, blauw, groen, oranje of paars.
- Kies voor de helm een contrasterende kleur, zodat die goed opvalt.
- Kleur de kleding van de instructeur donkerder of neutraler dan die van het kind.
- Houd het ijs heel lichtblauw of bijna wit en gebruik lichtgrijs voor de schaatsstrepen.
- Kleur de naaldbomen donkergroen en de sneeuw op de takken wit.
- Geef de bergen in de verte zachte blauwe, grijze of lila schaduwen.





